Pages Navigation Menu

media man blogt over de biologische moestuin

Leugenaar

Ik ben een leugenaar en dat wil ik liever niet. Daarom zoek ik op internet naar geschikte netten om over de aardbeien en de bessenstruiken te spannen. Ik zoek speciale netten waarin de vogels niet verstrikt raken.

De netten zijn dikker en stugger en helaas veel duurder dan gewone netten. Er raken gegarandeerd geen vogels in verstrikt, belooft de webshop bij het plaatje.

Vorig jaar en de jaren daarvoor, gebruikte ik goedkope netten. Eerst een net van zwart materiaal en daardoor bijna onzichtbaar. Voor een spotprijs te koop bij alle tuincentra of bouwmarkten. Dat net beviel me niet. Regelmatig zaten er vogels in verstrikt.

De gevangen vogels waren compleet in paniek als je in de buurt kwam om ze uit het net los te knippen. De verzwakte diertjes waren dan al bergen veren verloren in hun urenlange strijd om zich los te worstelen.

In de populaire bladen las ik dat je groene of blauwe netten moest gebruiken. De vogels kunnen die netten beter zien dan de netten van zwarte garens. Ik kocht groene netten. Ook heel goedkoop en overal verkrijgbaar. Deze netten zijn misschien beter zichtbaar maar ook hierin raken de vogels gemakkelijk verstrikt.

Op het laatst ging ik elke avond naar de tuin. Niet om water te geven of te wieden maar om te kijken of er een vogel in het net verstrikt zat. Het was regelmatig raak en gelukkig was ik dan nog op tijd om het beestje uit zijn benarde positie te bevrijden.

De buurvrouw besloot niet de fouten te maken die ik had begaan. Zij kocht blauwe netten. De felle kleur deed pijn aan de ogen, dus dit net leek zeer vogelvriendelijk.

Niets bleek echter minder waar. Ook in dit net kwam een vogel terecht. Het arme dier werd twee dagen later gevonden door de zevenjarige zoon van de buurvrouw. Ondanks zijn jonge leeftijd sloeg hij heel kordaat alarm.

Een oude man kwam hem te hulp. Samen knipten ze het verzwakte diertje uit het net. De buurvrouw was inmiddels ook op de tuin gearriveerd en gedrieën legden ze de verzwakte merel in de schaduw onder de gereedschapskist. De oude man vertrok met de mededeling dat de vogel maar even moest rusten en dat deze dan wel weg zou vliegen. De jeugdige vogelvriend vertrok opgelucht met zijn moeder naar huis.

De oude man keerde terug naar het verzwakte dier en verloste het uit zijn lijden, op een manier zoals oude mannen die van dieren houden, dat kunnen. Hij vertelde mij ’s avonds de droevige geschiedenis en ik begreep zijn boodschap. Ik zat in het complot.

’s Avonds kwamen moeder en zoon nog even naar de tuin. De jongen rende naar de kist en zag dat de vogel was gevlogen. Zijn moeder zei net iets te opgetogen dat het beestje dus vast goed was uitgerust. De jongen keek ongelovig naar zijn moeder en mompelde iets over een kat.

Ik kon niet anders dan ingrijpen: “die merel die daar lag? Ja, die vloog weg toen ik er aankwam. Ik zag hem net nog in de bosjes.”

Ja, ik ben een leugenaar.